Wat onder de bast leeft


Over zien wat je eerder niet zag, en wat dat in beweging zet.

 

Ik zag iets opvallends over een boomstam kruipen. Ik liep eropaf en kon mijn ogen niet geloven, ik zag een enorme rups, zeker één tot twee centimeter dik en zo’n acht tot tien centimeter lang. Het bleek een wilgenhoutrups. Volgens de Vlinderstichting zijn ze vrij algemeen in Nederland, maar in mijn 58 jaar had ik er nog nooit één gezien.

Wat het extra bijzonder maakte, was dat deze rups op een boom zat die ik al jaren volg, omdat de stam vol gaten zit die me altijd hebben gefascineerd. Welk diertje maakte die? Ik fotografeer ze al jaren om te zien of de openingen groter worden of dat er meer bijkomen. En nu waren er inderdaad nieuwe gaten ontstaan, met een doorsnede van wel twee centimeter.

Onder de oppervlakte van de bast gebeurt veel meer dan zichtbaar is. Net als bij ons. De wilgenhoutrups voedt zich met hout en graaft diepe gangen in bomen. Zodra hij een nachtvlinder wordt, kan hij niet meer eten, want hij heeft geen oproltong. Zijn korte leven draait om voortplanting, waarna hij sterft. Dat raakte me, want ik voelde me zelf ook wel volgevreten, vol kennis, ervaring en ideeën na de vele studiejaren. Misschien is er een moment waarop je niet méér hoeft te verzamelen. Waarop je mag verteren. Iets afronden. Iets loslaten.

 

Kort daarna hoorde ik van een sterfgeval in mijn schoonfamilie. Ik had deze man een week eerder nog ontmoet… op een begrafenis. Hij straalde levenslust uit, vertelde enthousiast over zijn werk en zijn plannen. En nu was hij er ineens ook niet meer. Begin zestig. Dat zette me met beide voeten op de grond. Dood is niet alleen een einde. Het is ook een overgang, een verschuiving in energie, net zoals wij veranderen zonder dat altijd meteen te beseffen. Vergankelijkheid laat zich in verschillende vormen zien: in een boomstam, in een ontmoeting, in een afscheid.

 

Van kijken naar zien

Tekenend Inzicht: Beeldend gidsen naar zelfinzicht